Formele inschrijvingseis IACK voor bepaalde situaties vervallen

Door een besluit van de staatssecretaris is de formele inschrijvingseis in de IACK voor bepaalde situaties met ingang van 21 september 2023 vervallen. Per 2025 wordt de formele inschrijvingseis in de wet vervangen door een materiële toets.

Formele inschrijvingseis

De inkomensafhankelijke combinatiekorting (IACK) is een korting op te betalen belasting voor ouders met jonge kinderen. Het kind moet in ieder geval jonger zijn dan 12 jaar en ten minste zes maanden staan ingeschreven op hetzelfde woonadres (de formele inschrijvingseis).

Er zijn situaties waarin de belastingplichtige en het kind wel tot hetzelfde huishouden behoren, maar niet kan worden voldaan aan de formele inschrijvingseis. Bijvoorbeeld omdat inschrijving op het woonadres niet mogelijk is (zoals bij een recreatiewoning of op een boot) of omdat inschrijving vanwege veiligheidsredenen van ouder en kind niet kan.

Vervallen voor bepaalde situaties

De staatssecretaris vindt het ongewenst dat in zulke situaties geen recht bestaat op IACK omdat niet voldaan wordt aan de formele inschrijvingseis. Daarom keurt hij voor alle belastingaanslagen tot en met het belastingjaar 2024 goed dat zonder inschrijving op hetzelfde woonadres toch recht bestaat op IACK onder de volgende voorwaarden:

  • de belastingplichtige voert met het kind in het kalenderjaar tenminste zes maanden een gezamenlijk huishouding, én
  • het kind staat niet voor tenminste zes maanden ingeschreven op een woonadres bij een ander dan de belastingplichtige, én
  • aan de overige voorwaarden van de IACK wordt voldaan. Welke voorwaarden voor de IACK gelden, vindt u hier.

Let op! Verblijft u tenminste zes maanden op hetzelfde woonadres met iemand anders en wordt diegene alleen niet als uw fiscale partner aangemerkt door het ontbreken van een inschrijving op hetzelfde woonadres? Dan is diegene voor bovenstaande goedkeuring toch uw fiscale partner.

Overigens was het voor bepaalde gevallen al goedgekeurd dat recht bestond op IACK als niet voldaan was aan de formele inschrijvingseis. Dit was bijvoorbeeld onder voorwaarden al het geval als inschrijving op hetzelfde woonadres om veiligheidsredenen niet mogelijk was.

Vanaf 21 september 2023

De goedkeuring geldt voor alle belastingaanslagen tot en met 2024 die op 21 september 2023 nog niet onherroepelijk vaststonden. Dat betekent dat de goedkeuring in ieder geval geldt voor de aanslagen 2023 en 2024 en afhankelijk van uw persoonlijke situatie mogelijk ook voor eerdere jaren.

Tip! Kunt u door de goedkeuring alsnog de IACK toepassen? Heeft u onlangs een definitieve aanslag ontvangen en zijn sinds de dagtekening van die aanslag nog geen zes weken verstreken? Maak dan zo spoedig mogelijk bezwaar!

Materiële toets vanaf 2025 in de wet

Op Prinsjesdag 2023 is voorgesteld om vanaf 2025 de formele inschrijvingseis wettelijk te vervangen door een materiële toets. Vanaf 2025 moet daarom aan de hand van de feitelijke situatie beoordeeld worden of een kind in het kalenderjaar gedurende ten minste zes maanden tot hetzelfde huishouden behoort als de belastingplichtige.

Let op! Vanaf 2025 wordt de IACK voor nieuwe gevallen afgeschaft. Mogelijk komt de Tweede Kamer echter nog met een voorstel om de afschaffing met twee jaar uit te stellen tot 2027.

Let op! Het voorstel met betrekking tot de materiële toets vanaf 2025 moet nog door de Tweede en Eerste Kamer worden aangenomen en is dus nog niet definitief. Dat geldt niet voor de afschaffing van de IACK voor nieuwe gevallen vanaf 2025. Dit voorstel is vorig jaar al aangenomen en in principe definitief (tenzij de Tweede Kamer nog een ander voorstel doet).

Posted in Niet gecategoriseerd

Reiskostenvergoedingen verruimd per 2024

In 2024 worden fiscaalvrije vergoedingen inzake reiskosten van onder andere werknemers verruimd. Het betreft zowel de vergoedingen voor privévervoer zoals bij gebruik van de auto, als voor vergoedingen voor reizen met het openbaar vervoer. Dit staat in het Belastingplan 2024.

Openbaar vervoer

OV

De huidige regels rond vergoedingen van abonnementen voor het openbaar vervoer zijn ingewikkeld. Dit wordt voor een deel veroorzaakt doordat werknemers sinds de coronacrisis steeds meer (gedeeltelijk) thuiswerken en er dus minder vaak sprake is van regelmatig woon-werkverkeer. Om de administratieve lasten te beperken, wordt daarom voorgesteld om ov-abonnementen fiscaalvrij te stellen. De enige voorwaarde is dat het abonnement ook zakelijk gebruikt wordt, bijvoorbeeld voor het woon-werkverkeer.

Let op! Het is niet meer van belang in welke mate het abonnement zakelijk wordt gebruikt.

Reiskostenvergoeding verder verruimd

Reiskostenvergoeding zijn in 2023 onbelast voor € 0,21/km. In het Belastingplan van vorig jaar was al aangekondigd deze belastingvrije vergoeding te verruimen naar € 0,22 en zo mogelijk naar € 0,23/km. In het Belastingplan 2024 is inderdaad voor deze laatste variant gekozen. Dit betekent dat reiskostenvergoedingen vanaf 2024 onbelast zijn voor zover de vergoeding niet meer bedraagt dan € 0,23/km. Dit betreft vrijwel alle vormen van vervoer, dus bijvoorbeeld ook voor afgelegde kilometers per fiets en bromfiets.

Ook voor zelfstandige ondernemer en dga

De verhoging van de belastingvrije vergoeding geldt ook voor de zakelijke kilometers die zelfstandige ondernemers afleggen. Zij kunnen hiervoor dus een bedrag van € 0,23/km ten laste van de winst brengen, waarbij ook nu de wijze van vervoer in beginsel niet relevant is.

De dga is in dienst bij zijn bv. Ook de bv mag onbelast de zakelijke kilometers vergoeden tegen de geldende tarieven, uiteraard mits de dga geen vervoersmiddel van de zaak gebruikt.

Doorwerking naar overige reiskosten

De verhoging geldt daarnaast ook voor andere reiskosten die bij de aangifte in aftrek kunnen worden gebracht. Het betreft de aftrek van specifieke zorgkosten in het kader van gemaakte reiskosten voor ziekenbezoek, de kilometervergoeding voor weekenduitgaven inzake het verzorgen van gehandicapten en voor de giftenaftrek als een vrijwilliger afziet van een reiskostenvergoeding.

Let op! Alle bovenstaande plannen staan in het Belastingplan 2024. De Tweede en Eerste Kamer moeten hier nog over beslissen.

Posted in Niet gecategoriseerd