Wie komen er in aanmerking voor de TEK?

Minister Adriaansens heeft de Tweede Kamer geïnformeerd omtrent het verwachte gebruik van de regeling Tegemoetkoming Energiekosten (TEK). De geleverde informatie is gebaseerd op een steekproef van het CBS en geeft onder meer aan hoeveel procent van de mkb-bedrijven binnen een bepaalde sector waarschijnlijk aan de energie-intensiteitsdrempel van 12,5% voldoet.

De voorwaarden

Fabriek

De TEK is uitdrukkelijk bedoeld voor energie-intensieve mkb-bedrijven. Om voor de TEK in aanmerking te komen, moet een bedrijf dan ook voldoen aan een aantal eisen. Een mkb-bedrijf:

  • heeft maximaal 250 medewerkers, maximaal € 50 miljoen omzet en/of balans totaal van maximaal € 43 miljoen,
  • staat ingeschreven in het Handelsregister van de KvK,
  • verbruikt jaarlijks meer dan 5.000m³ gas of 50.000 kWh elektriciteit, én
  • is energie-intensief, waarbij minimaal 12,5% van de omzet bestaat uit energiekosten.

Bakkers ‘aan kop’

Op basis van de gebruikte informatie blijkt bijvoorbeeld dat ruim 90% van de bakkers voldoet aan de voorwaarden en ook boven de energie-intensiteitsdrempel van 12,5% uitkomt. Zij zullen dus aanspraak kunnen maken op de TEK. Bij bijvoorbeeld specialistische voedingswinkels, zoals de slager en groenteboer, is dit 28%.

Let op! De TEK kan over de periode 1 november 2022 tot en met december 2023 worden aangevraagd, maar wordt – waarschijnlijk pas – in Q2 van 2023 met terugwerkende kracht uitgekeerd. Dit betekent dat een mkb-ondernemer tot die tijd de energiekosten zelf moet voldoen. U kunt de TEK aanvragen bij RVO.nl.

Voldoet u niet aan de voorwaarden?

Bedrijven die niet in aanmerking komen voor de TEK omdat ze niet aan de voorwaarden voldoen, profiteren mogelijk nog wel van het prijsplafond voor gas en elektra. Voor gas betreft dit minstens 100.000 bedrijven en voor elektra zelfs minstens 250.000. Het betreft dan onder andere zzp’ers, kleine kantoren en kleine winkels.

Posted in Niet gecategoriseerd

Aanzeggen tijdelijk arbeidscontract moet verplicht schriftelijk

Er geldt een aanzegplicht voor contracten voor bepaalde tijd met een looptijd van zes maanden of langer. Het doel hiervan is de werknemer tijdig duidelijkheid te bieden over het al dan niet voortzetten van de arbeidsovereenkomst.

Schriftelijk informeren

Administratie

Gaat u met een werknemer een contract aan voor een bepaalde tijd met een looptijd van een half jaar of langer? Dan moet u als werkgever uiterlijk een maand voordat een dergelijke arbeidsovereenkomst voor bepaalde tijd van rechtswege eindigt, de werknemer schriftelijk informeren over:

a. het al dan niet voortzetten van de arbeidsovereenkomst;
b. bij een voortzetting, de voorwaarden waaronder de arbeidsovereenkomst wordt voortgezet.

Het doel hiervan is de werknemer tijdig duidelijkheid te bieden over het al dan niet voortzetten van de arbeidsovereenkomst, zodat de werknemer eventueel tijdig ander werk kan zoeken waardoor een beroep op de WW mogelijk wordt voorkomen.

Wanneer geen aanzegplicht?

De aanzegplicht geldt niet bij een contract voor bepaalde tijd waarbij het einde niet op een kalenderdatum is bepaald. Denk aan een arbeidsovereenkomst voor de duur van een project. Dit is ook logisch, omdat niet van tevoren bekend is wanneer het project eindigt en er dus aangezegd moet worden. De aanzegplicht geldt ook niet voor een tweede of derde arbeidscontract dat telkens korter dan zes maanden duurt. Ook bij arbeidsovereenkomsten met daarin opgenomen een uitzendbeding geldt de aanzegtermijn niet. 

Aanzegvergoeding

Vindt er geen (schriftelijke) aanzegging plaats wanneer dit wel had gemoeten, dan moet u als werkgever de werknemer een aanzegvergoeding betalen ter grootte van een kaal bruto maandsalaris. Dit kan ook een pro rato deel zijn als de aanzegging te laat plaatsvindt.

Geen schriftelijke vastlegging?

Stel nu dat u als werkgever tijdig mondeling aan de werknemer laat weten dat de arbeidsovereenkomst voor bepaalde tijd niet verlengd zal worden, maar u verzuimt dit schriftelijk aan de werknemer te bevestigen. Is er dan toch een aanzegvergoeding verschuldigd, ook al weet de werknemer waar hij aan toe is? 

De Hoge Raad heeft deze vraag recentelijk bevestigend beantwoord door te overwegen dat de regeling van de aanzegplicht van dwingend recht is en opgesteld is ter bescherming van de werknemer. U moet dan dus toch de aanzegvergoeding betalen.

Tip! Leg contracten voor een bepaalde tijd altijd schriftelijk vast en zorg voor een deugdelijke administratie zodat u de werknemer tijdig én schriftelijk kunt informeren dat het contract eindigt dan wel wordt verlengd.

Posted in Niet gecategoriseerd