Alleen btw-aangifte bepalend voor omzetverlies TVL

Ondernemers die btw berekenen over hun omzet, moeten die btw-aangifte ook gebruiken om het omzetverlies vast te stellen voor de TVL. Het omzetverlies mag niet op basis van andere financiële stukken worden bepaald, aldus de rechter.

TVL

Rekenmachine

De tegemoetkoming vaste lasten (TVL) was een financiële tegemoetkoming voor ondernemers die tijdens de coronacrisis een bepaald percentage, meestal 30%, omzetverlies hadden geleden. Het omzetverlies werd bepaald ten opzichte van een eerdere periode, op basis van de aangiftes omzetbelasting.

Omzet wijkt af

In een zaak voor het College van Beroep voor het bedrijfsleven, het CBb, was de vraag aan de orde of het omzetverlies ook op andere wijze mag worden vastgesteld. Een ondernemer pleitte hiervoor, omdat naar zijn zeggen de omzet in oktober 2020 volgens de btw-aangifte vertekend werd door omzet die in september 2020 was behaald.

Uitvoerbaarheid

Het CBb ging hier niet in mee en stelde dat op basis van de uitvoerbaarheid en het beperken van de administratieve lasten bewust gekozen was voor de aangiftes omzetbelasting als bepalende factor. Er is slechts een uitzondering voor niet btw-plichtige ondernemingen, maar die was hier niet van toepassing.

Terugbetalen

Per saldo moest de betreffende ondernemer de gehele TVL terugbetalen, omdat het omzetverlies onder de 30% bleef. In een dergelijke situaties kan er, indien nodig, een betalingsregeling worden getroffen met de uitvoeringsorganisatie, de Rijksdienst Voor Ondernemend Nederland (RVO).

Posted in Niet gecategoriseerd

Nevenwerkzaamheden: de situatie na 1 augustus 2022

Per 1 augustus 2022 wordt de EU-richtlijn Transparante en Voorspelbare Arbeidsvoorwaarden geïmplementeerd in de Nederlandse wetgeving. Wat betekent dit voor u als werkgever ten aanzien van nevenwerkzaamheden?

Tot nu toe was er nog geen wettelijke regeling met betrekking tot het verrichten van nevenwerkzaamheden. In de praktijk komen veel werkgevers nevenwerkzaamhedenbedingen overeen. Daarin wordt een meldingsverplichting opgenomen voor de werknemer om (on)betaalde nevenwerkzaamheden te melden. Daarbij heeft de werkgever dan het recht deze werkzaamheden onder bepaalde voorwaarden te verbieden.

Objectieve redenen

Bezorger

De nieuwe wetgeving houdt onder meer in dat u als werkgever de werknemer in het kader van het recht op vrije arbeidskeuze niet mag verbieden buiten zijn werkrooster voor een andere werkgever te werken. Een verbod is alleen gerechtvaardigd als u daarvoor zogenaamde objectieve redenen kunt aanwijzen. Onder objectieve redenen worden verstaan:

  • gezondheid en veiligheid
  • bescherming van vertrouwelijkheid en bedrijfsinformatie
  • integriteit van overheidsdiensten
  • vermijden van belangenconflicten

Doelmatig en noodzakelijk

Bij een objectieve rechtvaardigingsgrond moet getoetst worden of het verbieden van de nevenwerkzaamheden doelmatig (passend en geschikt) en noodzakelijk (proportioneel) is om het zwaarwegende belang van de werkgever te beschermen. Daarbij worden ook de belangen van de werknemer meegewogen. Beoordeeld moet worden of het belang van de werkgever dusdanig is dat het belang van de werknemer om elders te kunnen werken daarvoor moet wijken.

Geen overgangsrecht

Er moet dus een objectieve reden zijn aan te voeren om een beroep te kunnen doen op het nevenwerkzaamhedenbeding. Dit geldt ook voor nevenwerkzaamheden die al vóór 1 augustus 2022 zijn overeengekomen.

Let op! Het is niet nodig om genoemde objectieve redenen in de arbeidsovereenkomst op te nemen.

Pas op het moment dat u een beroep wilt doen op het nevenwerkzaamhedenbeding, moet u de objectieve redenen onderbouwen. Denk aan de situatie dat een werknemer als gevolg van de nevenwerkzaamheden de maximale toegestane arbeidstijd overschrijdt. Dan is een objectieve reden gelegen in een mogelijk gevaar voor de gezondheid en de veiligheid. Bovendien bent u als werkgever verplicht toe te zien op naleving van de Arbeidstijdenwet.

Omgekeerde bewijslast

Op het moment dat de werknemer aannemelijk maakt dat hij is ontslagen vanwege het verrichten van nevenwerkzaamheden, zal de werkgever moeten bewijzen dat dit niet het geval is. Er geldt dus een omgekeerde bewijslast. Als er discussie bestaat over de aanwezigheid van een objectieve reden is het uiteindelijk de burgerlijke rechter die bepaalt of het verbod gerechtvaardigd is. De werknemer is overigens ook op grond van de Arbeidstijdenwet verplicht om nevenwerkzaamheden te melden.

Posted in Niet gecategoriseerd