Hoe wordt privégebruik van ander vervoer dan auto of fiets belast?

Gebruikt uw werknemer een door u ter beschikking gestelde auto, fiets of ander vervoermiddel ook privé, dan vormt dit privégebruik belast loon. Voor de belastingheffing over dit loon gelden voor de auto, fiets of een ander vervoermiddel niet dezelfde regels. Hoe zit het met het privégebruik van een ‘ander vervoermiddel’?

Ander vervoermiddel

Euro

Bij een ander vervoermiddel moet u denken aan een motor, bromfiets of scooter. Gebruikt uw werknemer zo’n vervoermiddel ook privé, dan vormt de waarde in het economische verkeer van dit privégebruik belast loon voor de werknemer.

Berekening waarde in het economische verkeer

De vraag is hoe u deze waarde in het economische verkeer van het privégebruik kunt berekenen. Hiervoor moet u een aantal dingen weten, namelijk:

  • Hoe hoog zijn de totale kosten van het vervoermiddel in een jaar? De totale kosten bestaan uit kosten van brandstof, onderhoud, reparatie, motorrijtuigenbelasting en verzekering, verhoogd met de afschrijving van het vervoermiddel.
  • Hoeveel kilometer is er in totaal met het vervoermiddel in een jaar gereden?
  • Hoeveel privékilometers reed de werknemer met het vervoermiddel in het jaar?

Met deze gegevens kunt u de kilometerprijs van het vervoermiddel en de waarde in het economische verkeer van het privégebruik bepalen.

Tip! Voor het berekenen van het aantal privékilometers kunt u een rittenregistratie bijhouden.

Voorbeeld berekening

Een werknemer rijdt met een door u ter beschikking gestelde bromfiets totaal 5.000 km in een jaar. De totale kosten van de bromfiets in dat jaar bedragen € 1.500. Het aantal privékilometers in het jaar bedraagt 600. De kilometerprijs van de bromfiets is dan € 0,30 (€ 1.500 / 5.000 km). De waarde in het economische verkeer van het privégebruik bedraagt vervolgens € 180 (600 km x € 0,30). Het te belasten loon in verband met het privégebruik bedraagt dan dus € 180.

Betaalt de werknemer vanuit zijn nettoloon een eigen bijdrage voor het privégebruik van bijvoorbeeld € 100 per jaar, dan kunt u dit bedrag op het hiervoor berekende loon in mindering brengen. In het voorbeeld bedraagt het loon dat u voor de werknemer belast voor het privégebruik dan € 80 (€ 180 waarde in het economische verkeer – € 100 eigen bijdrage).

Let op! Door de aftrek van de eigen bijdrage kan het te belasten loon nooit lager dan nul worden.

Individueel loon of eindheffingsloon?

De € 80 loon uit het voorbeeld kunt u individueel belasten bij de werknemer. De werknemer betaalt dan de belasting. Als dit gebruikelijk is, kunt u er echter ook voor kiezen om dit aan te wijzen als eindheffingsloon ten laste van uw vrije ruimte. Als u nog ruimte heeft in uw vrije ruimte, dan is dit onbelast, anders betaalt u hierover 80% eindheffing.

Privékilometers

Niet alle kilometers zijn privé. Zo zijn de kilometers die uw werknemer maakt voor woon-werkverkeer voor de loonbelasting niet privé, maar zakelijk. Dit geldt ook voor de kilometers die uw werknemer overdag maakt tussen het woon- en het werkadres (bijvoorbeeld om thuis iets op te halen of thuis te lunchen).

Let op! Rijdt uw werknemer met een omweg, als hij naar zijn werk of naar huis rijdt, bijvoorbeeld om boodschappen voor privé te doen? Dan zijn de extra kilometers van het omrijden wel privé.

 
Posted in Niet gecategoriseerd

Voorlopige percentages box 3-inkomen bekend

De voorlopige percentages die ten grondslag liggen aan de vaststelling van het fictieve rendement van uw vermogen voor de berekening van uw voorlopige belastingaanslag 2024 zijn bekendgemaakt. Ook zijn de cijfers inzake de arbeidskorting en het eigenwoningforfait gepubliceerd.

Box 3: de percentages

Euro

Het box-3-vermogen wordt onderverdeeld in drie categorieën met ieder een eigen fictief forfaitair rendement te weten banktegoeden, schulden en overige bezittingen.

Voor de overige bezittingen, zoals aandelen en een tweede woning, is voor 2024 al een definitief percentage bekend, namelijk 6,04%.

Voor de andere twee categorieën zijn voorlopige percentages vastgesteld om het fictieve rendement voor 2024 te bepalen, te weten:

  • voor banktegoeden 1,03%; 
  • voor schulden 2,47%. 

Bovengenoemde percentages zullen worden toegepast bij het opleggen van de voorlopige aanslagen inkomstenbelasting voor 2024.

Let op! Voor het opleggen van de definitieve aanslagen wordt uitgegaan van de definitieve percentages. Deze zijn dus voor banktegoeden en schulden nog niet bekend.

Arbeidskorting

De bedragen met betrekking tot de arbeidskorting zijn gebaseerd op de zogenaamde tabelcorrectiefactor en de ontwikkeling van het wettelijk minimumloon. 

  • De tabelcorrectiefactor is vastgesteld op 9,4941%. Deze zou oorspronkelijk 9,9% bedragen, maar is verminderd om geld vrij te maken voor het extra verhogen van de kinderbijslag. 
  • De hoogte van de arbeidskorting is afhankelijk van de hoogte van het arbeidsinkomen en verschilt dus per belastingplichtige. Het maximum stijgt in 2024 van € 5.052 naar € 5.532.

Eigenwoningforfait

Eigenaren van een woning moeten jaarlijks een bedrag bij het inkomen optellen, het zogenaamde eigenwoningforfait. Dit forfait kan jaarlijks worden aangepast op basis van de gestegen huurprijzen en prijzen van koopwoningen. Voor 2024 leidt dit tot een ongewijzigd forfait van 0,35%.

 
Posted in Niet gecategoriseerd