Ook giftenaftrek voor kloosterlingen?

Als kloosterlingen hun inkomsten afstaan aan hun kloostergemeenschap, kan de vraag opkomen of er sprake is van een aftrekbare gift. De Belastingdienst heeft hierover onlangs een standpunt naar buiten gebracht. Hieruit blijkt dat er onder voorwaarden sprake kan zijn van een aftrekbare gift.

Gelofte van armoede

Geld

In genoemd standpunt gaat de Belastingdienst uit van de situatie dat kloosterlingen bij intreding in hun kloostergemeenschap de gelofte van armoede afleggen. Hiermee staan ze eventuele inkomsten af aan de kloostergemeenschap, beschikken ze niet over een eigen bankrekening en worden alle kosten betaald door de kloostergemeenschap. Er wordt van uitgegaan dat de kloostergemeenschap een Algemeen Nut Beogende Instelling (ANBI) is.

Gift versus kosten

In het standpunt maakt de Belastingdienst duidelijk dat er sprake kan zijn van aftrekbare kosten, als de inkomsten die worden afgestaan aan de kloostergemeenschap hoger zijn dan de kosten die de kloostergemeenschap voor de kloosterling maakt. Het gaat dan onder andere om kosten van levensonderhoud, huisvesting en ziektekosten. Dit standpunt is gebaseerd op een arrest van de Hoge Raad en op een uitlating die een staatssecretaris in het verleden omtrent de giftenaftrek voor onder meer kloosterlingen heeft gemaakt.

Omvang kosten

De omvang van de kosten die de kloostergemeenschap maakt voor de kloosterling, is afhankelijk van de feiten en omstandigheden. Onder meer de jaarrekening van de ANBI kan voor de berekening ervan een hulpmiddel zijn.

Geen periodieke gift

De gift kan niet worden aangemerkt als periodieke gift. Dit betekent onder meer dat er voor de aftrek zowel een drempel als een maximum geldt. Alleen giften boven de drempel zijn aftrekbaar, tot het maximum.

Posted in Niet gecategoriseerd

Wanneer is beschikking van inspecteur ‘gegeven’?

In het belastingrecht werken termijnen erg nauw. Eén dag te laat en u kunt zomaar een boete tegemoet zien. Wanneer is een beschikking van de inspecteur feitelijk ‘gegeven’, ofwel, welke datum is bepalend?

Datering na ontvangstdatum

Euro

In een zaak die speelde voor de rechtbank Zeeland-West-Brabant had een belastingplichtige om ambtshalve vermindering van zijn aanslagen inkomstenbelasting verzocht. Omdat de inspecteur niet op tijd besliste, stelde de belastingplichtige hem in gebreke. De inspecteur heeft dan nog twee weken om te beslissen. Doet hij dit niet, dan is hij automatisch een dwangsom verschuldigd.

Dwangsom

Als de inspecteur na twee weken nog niet beslist heeft, bedraagt de dwangsom de eerste 14 dagen € 23 per dag, de daarop volgende 14 dagen € 35 per dag en de daarop volgende 14 dagen € 45 per dag. Een dwangsom kan dus oplopen tot maximaal € 1.442.

Welke datum is bepalend?

In deze zaak had de inspecteur precies twee weken na de ingebrekestelling zijn beslissing aan belanghebbende gezonden. Deze beslissing was echter 16 dagen na ontvangst van de ingebrekestelling gedateerd. Volgens de belastingplichtige was deze datum bepalend, was de inspecteur dus twee dagen te laat met zijn beslissing en had hij dus recht op een dwangsom.

Wanneer bekendgemaakt?

Volgens de rechtbank Zeeland-West-Brabant is met betrekking tot een dwangsom echter van belang wanneer de beschikking van de inspecteur bekend is gemaakt. Dit bekendmaken kan door toezending of uitreiking van de beschikking. Onomstreden was dat dit precies na twee weken was gebeurd, dus nog net op tijd. Dat de beschikking een latere datum bevatte, deed niet ter zake. De inspecteur hoefde dan ook geen dwangsom te betalen.

Let op! Ook het feit dat de beschikking pas na de termijn van twee weken wordt ontvangen, is dus niet relevant.

Posted in Niet gecategoriseerd